Overslaan en naar de inhoud gaan

Diagnostische referentieniveaus in de radiologie

Diagnostische referentieniveaus in de radiologie

Het Besluit Medische Blootstellingen van 13 februari 2020 vermeldt dat Diagnostische Referentieniveaus (DRN's - DRL's Diagnostic Reference Levels) moeten gebruikt worden in het kader van het optimalisatieproces. In het bijzonder moet er een onderzoek worden ingesteld wanneer deze referentieniveaus stelselmatig worden overschreden.

Periodieke studies moeten uitgevoerd worden voor het bepalen van de DRL’s en bestaan uit het registreren van patiëntdosis voor een bepaald onderzoeken op elk toestel binnen elke dienst.

De gegevens dienen geanalyseerd te worden met de hulp van een erkende deskundige in de medische stralingsfysica in het bevoegdheidsdomein van de radiologie. Deze laatste kan eveneens helpen bij het invullen van de formulieren. De resultaten van deze analyses moeten gebruikt worden door de diensten en de mediane doses die voor elke type onderzoeken op elk toestel worden berekend moeten vergeleken worden met de DRL, met als doel de optimalisatie van de patiëntdosis.

Het 75e percentiel (P75) van de dosisverdeling voor alle centra stelt de DRL voor zoals gedefinieerd door de Europese Commissie (Radiation Protection 109) en op basis van de aanbevelingen van International Commission on Radiological Protection (ICRP Publication 135).
Het 25e percentiel (P25) is een indicator die kan gebruikt worden in het optimalisatieproces.

Praktische modaliteiten en registratieformulieren

De modaliteiten van de periodieke studies worden bepaald in het technische reglement van 19 februari 2020 houdende de modaliteiten van de periodieke studies voor de patiënt in radiodiagnose met röntgenstraling en in interventionele radiologie.

Dit technische reglement bepaalt een jaarlijkse frequentie voor periodieke studie’s van CT-onderzoeken en een driejaarlijkse frequentie voor periodieke studies van onderzoeken in de conventionele radiologie (met inbegrip van mammografie) en de interventionele radiologie, bij kinderen en volwassenen. De lijsten van onderzoeken voor de periodieke studies zijn opgenomen in bijlage 1 en 2 van het technische reglement.

Het invullen van de formulieren moet toevertrouwd worden aan de persoon/personen die binnen de betrokken dienst verantwoordelijk zijn voor de patiëntendosimetrie.

De registratieformulieren dienen correct gebruikt te worden en uitsluitend in het opgegeven formaat opgeslagen te worden. Een kopie dient via elektronische weg naar het Agentschap gestuurd te worden via het adres patientdose@fanc.fgov.be. Een handleiding voor de invullen van de formulieren is ook beschikbaar. De formulieren bepaald in het FANC besluit van 28 september 2011 moeten echter nog steeds gebruikt worden t.e.m. 31 oktober 2020 en zijn hieronder beschikbaar.

Wees voorzichtig, ten gevolge van het publicatie van het nieuwe technische reglement werden praktische aspecten aangepast et zullen van toepassing zijn voor de volgende iteratie :

  1. de iteraties beginnen op 1 januari en eindigen op 31 december (van hetzelfde jaar voor de CT-onderzoeken, na drie jaren voor de andere types procedures);
  2. voor de CT-onderzoeken bij kinderen en volwassenen moeten de gegevens bij minimum 50 patiënten geregistreerd worden (binnen een periode van 3 maanden) of, als dit aantal niet gehaald kan worden, bij alle patiënten gedurende 3 maanden;
  3. voor de conventionele radiologie moet de DAP uitsluitend bepaald worden met als eenheid mGy.cm² ;
  4. voor de interventionele radiologie moet de gecumuleerde DAP uitsluitend bepaald worden met als eenheid Gy.cm².

CT-scanners

Voor de CT-onderzoeken worden de DRN's  bepaald via de dosimetrische indicatoren CTDIvol (volumic CT Dose Indicator) en DLP (Dose-Length Product) voor een onderzoek dat één enkele acquisitie omvat (enkelvoudig onderzoek), maar in het geval van de DLP ook voor het volledige onderzoek (één of meerdere acquisities).

Het technische reglement van 19 februari 2020 houdende diagnostische referentieniveaus in radiodiagnose met röntgenstraling bepaald de actuele DRL’s die afkomstig zijn uit de achtste iteratie van de dosimetriestudies voor CT (01/11/2017 – 31/10/2018) en hieronder zijn vermeld. Deze zijn niet veranderd sinds de zesde iteratie (2015 – 2016).

  • DRL's bij volwanessen

VOLWASSENEN CTDIvol (mGy) DLP (mGy.cm)
Enkelvoudig onderzoek Enkelvoudig onderzoek Volledig onderzoek
Onderzoek P25 DRL (P75) P25 DRL(P75) P25 DRL (P75)
Abdomen 7 10 320 490 350 570
Angio CT van de thorax 5 11 165 300 180 330
Hart (CCTA) 10 25 140 290 190 480
Colon 3* 4* 150* 200* 230 460
Cervicale wervelzuil 14 25 230 450 - -
Lumbale wervelzuil 18 26 380 600 - -
Schedel (hersenen) 35 50 640 900 - -
Sinussen 2,5 6 35 80 - -
Thorax 5 8 170 260 - -
Thorax - abdomen 5 8,5 320 550 480 800

*Waarde voor één enkele “hoofdacquisitie” (op de buik of op de rug)

  • DRL’s bij kinderen

Voor het bepalen van representatieve DRL's bij kinderen is het absoluut noodzakelijk om de parameters leeftijd, gewicht en grootte aan te geven, gezien de grote variatie in grootte tussen een boreling en een adolescent van 15 jaar.

Hoewel er niet veel gegevens beschikbaar waren, was een onderverdeling van de CTDIvol en de DLP op basis van leeftijd mogelijk, behalve voor het onderzoek thorax-abdomen.

KINDEREN CTDIvol (mGy) DLP (mGy.cm)
Enkelvoudig onderzoek Volledig onderzoek
Onderzoek DRL (P75) DRL (P75)
Leeftijd (jaar) <1

1 - <5

5 - <10 10 - <15 <1 1 - <5 5 - <10 10 - <15
Abdomen - - 5 7,5 - 110 220 330
Schedel (hersenen) 22 30 40 45 420 540 660 780
Sinussen - - 4 6 - 50 65 80
Thorax - 1,5 2 3,5 - 35 55 130
Thorax - abdomen - - - - - - - -

Conventionele radiologie

De DRL's voor onderzoeken in de conventionele radiologie worden bepaald via de DAP (Dose Area Product – dosisoppervlakte-product) voor een onderzoek dat één enkele acquisitie omvat (enkelvoudig onderzoek), maar ook voor meervoudige onderzoeken (meerdere acquisities).

Het technische reglement van 19 februari 2020 houdende diagnostische referentieniveaus in radiodiagnose met röntgenstraling bepaald de actuele DRL’s die afkomstig zijn uit de derde iteratie van de dosimetriestudies voor de conventionele radiologie (01/11/2014 – 31/10/2017) en hieronder zijn vermeld.

  • DRL's bij volwassenen

Voor volledige onderzoeken van abdomen en thorax worden er typisch twee opnames voorzien. Voor de thorax worden deze opnames in het algemeen frontaal en in profiel gemaakt. Voor het onderzoek van de lumbale wervelzuil is het typische aantal opnames zes.

VOLWASSENEN DAP (mGy.cm2)
Enkelvoudig onderzoek Meervoudig onderzoek
Onderzoek P25 DRL (P75) P25 DRL (P75)
Abdomen 650 1750 1350 2600
Bekken 850 2350 - -
Lumbale wervelzuil - - 3800 12500
Thorax PA 70 180 - -
Thorax volledig - - 250 750

De volgende tabel toont de percentielen in functie van de gebruikte type detector voor het volledige onderzoek van de thorax. In dosimetrisch opzicht wordt aanbevolen dat de toestellen voor de conventionele radiologie gebruik maken van detectoren van het type DR.

VOLWASSENEN
THORAX VOLLEDIG
DAP (mGy.cm²)
Type detector P25 P75
Radiografische films 830 2050
CR (Computer Radiography) 520 1000
DR (Direct Radiography) 210 360
  • DRL's bij kinderen

Voor kinderen was een onderverdeling van de DAP op basis van leeftijd mogelijk.

KINDEREN DAP (mGy.cm2)
DRL (P75)
Leeftijd (jaar) < 1 1 - <5 5 - <10 10 - <15
Abdomen 40 80 150 400
Thorax enkelvoudig 15 25 40 80
Thorax meervoudig 30 50 100 200

Een onderverdeling van de DAP op basis van gewicht was ook mogelijk.

KINDEREN DAP (mGy.cm2)
DRL (P75)
Gewicht (kg) < 5 5 - <15 15 - <30 30 - <50 50 - <80
Abdomen - 80 150 400 800
Thorax enkelvoudig 15 20 35 60 90
Thorax meervoudig 40 50 100 200 300

Mammografie

Voor mammografieonderzoeken wordt de DRL in AGD (Average Glandular Dose - GKD Gemiddelde klierweefseldosis) per opname uitgedrukt.

Het technische reglement van 19 februari 2020 houdende diagnostische referentieniveaus in radiodiagnose met röntgenstraling bepaald de actuele DRL die afkomstig is de actuele DRN die afkomstig is uit de derde iteratie van de dosimetriestudies voor de mammografie (01/11/2014 – 31/10/2017) en hieronder is vermeld. Naar aanleiding van deze iteratie werd besluit om de DRL te bepalen op basis van het 95e percentiel van de verdeling van de waarden voor de AGD. De P25 en P75 kunnen uiteraard nog steeds gebruikt worden voor optimalisatie doeleinden.

MAMMOGRAPHIE AGD (mGy) per opname
P25 P75 DRL (P95)
Alle views 1,2 1,6 2,0

De volgende tabel toont de percentielen in functie van de gebruikte type detector. In dosimetrisch opzicht wordt aanbevolen dat de toestellen voor mammografie gebruik maken van detectoren van het type DR.

MAMMOGRAFIE AGD (mGy) per opname
Type detector P25 P75
Radiografische films 1,29 1,85
CR (Computer Radiography) 1,67 2,05
DR (Direct Radiography) 1,15 1,50

Interventionele radiologie

Voor de interventionele procedures werden heel weinig gegevens geregistreerd tijdens de derde iteratie van de dosimetriestudies (01/11/2014 - 31/10/2017). De definitie van de procedures, de onderzoeken waarvoor de registratie van de DAP is gevraagd, maar ook de manier waarop de gegevens werden geregistreerd, maken het moeilijker om deze gegevens te vergelijken en te analyseren en om de DRL's te berekenen.

Het wordt aanbevolen de “trigger levels” te gebruiken die beschikbaar zijn in de wetenschappelijke literatuur om de deterministische effecten van blootstelling tijdens interventionele procedures te vermijden. Ten slotte is het heel belangrijk te vermelden dat een aantal ontvangen gegevens groter zijn dan deze grenswaarde en dat corrigerende acties noodzakelijk zijn om dergelijke gevallen zoveel mogelijk te vermijden.

Verslagen en nuttige links

Verslagen van voorgaande iteraties

Nuttige links

Contact

Contactgegevens: patientdose@fanc.fgov.be

 

 

Laatst aangepast op: 
03/04/2020